Overal staan elektriciteitsnetten onder druk. De snelle opkomst van hernieuwbare energie, datacenters en de elektrificatie van de industrie leiden tot netcongestie. Het treedt op als de volledige capaciteit van het net is bereikt. Netbeheerders kunnen hierdoor niet meer altijd de groeiende vraag naar stroom blijven leveren. De infrastructuur van ons elektriciteitsnet is door de versnelde energietransitie verouderd. Netwerkbeheerders zijn als gevolg hiervan een interessant segment in de nutssector. De netbeheerder is als nutsbedrijf verantwoordelijk voor het fysieke transport van elektriciteit.
Op grond van de Europese richtlijn 96/92/EG is de netbeheerder in Europese landen monopolist in zijn regio. Hij moet een door de overheid gereguleerd tarief hanteren, het capaciteitstarief. De pure netwerkbeheerders zijn doorgaans stabiele, niet al te snel groeiende bedrijven die met veel schulden werken. Daar staan afspraken tegenover met regelgevers over toegestane rendementen op deze netwerken, de Regulated Asset Base (RAB) genoemd. Er is vaak sprake van inflatie- of rentecompensatie. Uitbreiding van deze RAB zorgt voor groei bij de netwerkbeheerders.
Europa telt een flink aantal gereguleerde netwerkbeheerders die normaal gesproken minder onstuimig groeien en een meer obligatie-achtig karakter hebben. Het Duitse E.ON is een toonaangevende netwerkbeheerder en in 2000 ontstaan uit een fusie tussen VEBA en VIAG. In 2016 werd een deel van de activiteiten afgestoten aan Uniper. E.ON is actief in onder meer Duitsland, Groot-Brittannië, Nederland en Zweden. E.ON maakt deel uit van de DAX-index en is het moederbedrijf van Essent.
In 2020 zijn diverse activiteiten van E.ON en RWE van eigenaar gewisseld. De schone energie-activiteiten van E.ON zijn toen overgegaan naar RWE. Na deze transactie heeft E.ON nog twee activiteiten. De eerste is het gereguleerde en door E.ON beheerde netwerk. Dat is goed voor 80 procent van de operationele winst. De tweede zijn de klantenactiviteiten. E.ON levert elektriciteit en aardgas aan 47 miljoen klanten in Europa. Deze activiteit is goed voor de overige 20 procent van de operationele winst. Sinds de afsplitsing naar Uniper richt E.On zich volledig op bovenstaande twee activiteiten. Het is geen energieproducent meer.
Katharina Reiche, CEO van dochterbedrijf Westenenergie, is recent benoemd tot minister van Economie in het net aangetreden kabinet onder leiding van Bondskanselier Merz. Een overstap die door ondernemers en werkgevers wordt bejubeld. Critici vragen zich daarentegen wel af of haar oude werkgever zal kunnen profiteren van haar beslissingen als minister.
Van de Europese netwerkbeheerders springen er op het oog drie uit: Iberdrola, Engie en E.ON. De eerste is zeker geen oninteressante investering, maar in verhouding tot de sector aan de dure kant. De tweede heeft een paar belangrijke nadelen. Het belang van de Franse staat van ruim 33 procent kan leiden tot een afwijking van belangen met de andere aandeelhouders. Daarnaast heeft Engie slechts een beperkte blootstelling aan elektriciteitsnetwerken. E.ON was een achterblijver, maar is door de nieuwe Duitse regering en het opheffen van de Schuldenbremse deze achterstand hard aan het inhalen.
E.ON boekte in de eerste drie maanden een omzet van 25,2 miljard euro, 11 procent hoger dan in dezelfde periode een jaar eerder. Het bedrijfsresultaat steeg met 18 procent naar 3,2 miljard euro. Onder de streep resteerde een nettowinst van 529 miljoen euro, tegenover 584 miljoen euro een jaar eerder. De aangepaste winst kwam uit op 1,3 miljard euro. De outlook voor het hele jaar werd gehandhaafd.
E.ON is net als andere netwerkbeheerders heel kapitaalintensief. De schuldenratio is vergelijkbaar met andere beheerders. Door de stabiele en voorspelbare inkomsten uit de netwerkactiviteiten is dit echter geen cruciaal schuldenniveau voor het voortbestaan van het bedrijf. E.On heeft een creditrating van BBB+ en geldt als investment grade.
De toenemende vraag naar elektriciteit door de energietransitie, elektrificatie en digitalisering, maakt van deze voorheen saaie en voorspelbare sector een steeds interessantere belegging. De basis van de inkomsten wordt gevormd door een gereguleerde inkomstenstroom. Afspraken met de autoriteiten staan doorberekening van hogere rente en inflatie toe. Als gevolg van buitengewone omstandigheden op de energiemarkt kon E.ON flinke prijsverhogingen aan de eindgebruikers doorberekenen.
E.ON biedt een interessante combinatie van stabiliteit en groeipotentieel. E.ON heeft een beta van 0,55. E.On heeft weinig last van de handelsoorlog, relatief veel pricing power, is weinig gevoelig voor economische cycli en heeft een lage China- en Verenigde Staten-exposure. De koerswinstverhouding bedraagt nu 13. Daarmee is E.ON goedkoper dan bijvoorbeeld Iberdrola. Volgens Morningstar is de Fair Value van E.ON 17 euro per aandeel. In de afgelopen vijf jaar realiseerde E.ON een rendement van gemiddeld 16,45 procent per jaar. Dat is 5 procent beter dan de index van Europese nutsbedrijven. E.ON heeft een dividendrendement van 3,5 procent.
Auteur heeft privé geen positie, cliënten van Fintessa hebben het aandeel E.ON is portefeuille.
