De uitkomst van de stresstesten in de eurozone mochten de markten niet tot bedaren brengen. Wel verbeterde het sentiment door beter dan verwachte bedrijfsresultaten en enige geboekte voortgang in de discussie over de verhoging van het Amerikaanse schuldenplafond. De economische cijfers waren op z’n zachtst gezegd gemengd. Tegenover aandelen staan we voor de volgende maanden positief; we zijn terughoudend voor de zeer nabije toekomst. Liquiditeiten zijn overwogen. Hierdoor kunnen we zo nodig snel onze aandelenpositie versterken.
De eerste fase van het bedrijfsresultatenseizoen is over het algemeen positief verlopen, met hoger dan verwachte winsten per aandeel en omzetgroei. Het aantal bedrijven met meevallende cijfers is hoger dan ooit (hoogste niveau sinds het vierde kwartaal van 2005). De winstontwikkeling kan het komende kwartaal voor meewind zorgen. Wij zien echter problemen bij een verdere expansie van de marge (zoals door sommige analisten verwacht).
Door alle onzekerheden rond de minder goede Amerikaanse economische ontwikkelingen, de begrotingscrisis in de eurozone en de discussie over het schuldenplafond in de Verenigde Staten is de volatiliteit op de aandelen- en obligatiemarkten toegenomen. Over dat laatste ligt nu van een twee partijen-groep een voorstel op tafel dat voorziet in een vermindering van het begrotingstekort met USD 3.700 miljard in de komende tien jaar. Daarnaast moeten hervormingen leiden tot minder belastingaftrek en verlaging van de belastingtarieven. Onduidelijk is of de belastinginkomsten hiermee stijgen. We kunnen dan ook niet inschatten of het voorstel acceptabel is voor de Republikeinse oppositie.
Voor de jaarlijkse stresstest van de Europese Bank Autoriteit zijn minder banken gezakt dan voorzien. Ook het solvabiliteitstekort viel lager uit dan geschat. Op de obligatiemarkten is de risicospread echter over het geheel genomen gestegen; de uitkomsten van de stresstest konden op de nodige scepsis rekenen. De kritiek was dat het gehanteerde scenario niet ongunstig genoeg was, dat de situatie ‘in het echt’ sinds de formulering van de aannames uit de test zijn verslechterd, dat er geen rekening is gehouden met een overheid die niet aan haar betalingsverplichtingen voldoet en dat onduidelijk is of ‘gezakte’ banken genoeg kapitaal kunnen ophalen.
Hoe de eerstvolgende bijeenkomst van leiders in de eurozone over de financiële stabiliteit van de regio uitpakt, blijft onzeker. Voor de begrotingscrisis is nog altijd geen langetermijnoplossing geformuleerd. Naar onze mening moeten er diverse stappen worden ondernomen. De landen in de periferie moeten het begrotingstekort blijven verlagen en de verhouding schulden/bbp stabiliseren om het vertrouwen van de belegger terug te winnen. Er moet steun zijn voor een tweede reddingsoperatie voor Griekenland en indien nodig ook voor Ierland en Portugal, zodat deze landen de tijd krijgen om de financiën weer op orde te brengen. Het EFSF-steunfonds moet meer armslag krijgen en obligaties kunnen aankopen om de schuldenlast te verlagen.
De industriële productie van de eurozone is sinds eind vorig jaar aanzienlijk vertraagd, de bouwproductie is duidelijk lager en de Duitse ZEW-index is nog dieper weggezakt. Dit duidt op een flinke vertraging van de groei. Het handelstekort in de eurozone bevond zich daarentegen op het laagste punt sinds juli 2010: de export nam ondanks de sterke euro fors toe.
Na het slechte Amerikaanse arbeidsmarktrapport gloorde met de sterker dan verwachte daling van de eerste aanvragen voor een werkloosheidsuitkering enige hoop dat de zwakte van de arbeidsmarkt alleen verband houdt met wat een tijdelijke zwakke fase van de Amerikaanse economie kan blijken te zijn. De aanvragen voor een werkloosheidsuitkering ontwikkelen zich in de goede richting: zoals al eerder aangegeven blijkt uit diverse onderzoeken dat er meer mensen worden aangenomen.
De laatste cijfers voor de detailhandelsverkopen waren minder positief. In de consumptie zit nog altijd weinig vaart. Het sentiment heeft te lijden van het politieke getouwtrek over de verhoging van het Amerikaanse schuldenplafond. Dit voorspelt weinig goeds voor de toekomstige consumentenbestedingen. Daarbij moet wel worden aangetekend dat de nominale detailhandelsverkopen en de reële consumptie zich sterker hebben ontwikkeld dan uit het consumentenvertrouwen valt af te lezen.
De zwakke consumptie was voor veel analisten aanleiding om de inschatting van de bbp-groei in het tweede kwartaal naar beneden bij te stellen, in sommige gevallen tot slechts 1,5% kwartaal-op-kwartaal (op jaarbasis). Ook voor het derde kwartaal wordt de taxatie bijgeschaafd, zij het vooralsnog bescheiden. Uit de ISM-cijfers valt een sterke toename van de voorraden af te lezen. Wij vermoeden dat dit met teleurstellende verkopen te maken heeft. Op de korte termijn kan dit een prikkel voor de bbp-groei blijken, maar voor de middellange termijn zien we hierin geen positieve ontwikkeling.
Door: Joost van Leenders, Beleggingsspecialist BNP Paribas
Elke ochtend beleggingstips ontvangen? Meld u gratis aan voor Cashcow Daily!