Volgens beleggingsstrateeg Franz Wenzel van AXA Investment Managers zijn tijdens de Europese conjunctuurcrisis belangrijke horden genomen. Er is reden voor optimisme: Europa blijft in een recessie, maar China geeft de wereldeconomie een oppepper.
In zijn marktvooruitzichten voor 2013, die hij in Frankfurt (D) heeft gepresenteerd, stelt hij dat er redenen voor optimisme zijn. Als belangrijkste redenen ziet hij het opkoopprogramma van de Europese Centrale Bank voor staatsobligaties (OMT) en de aanzet tot de oprichting van een bankunie. Over deze laatste is weliswaar nog niet het laatste woord gesproken, maar uiterlijk na de Duitse Bondsdagverkiezingen in het najaar van 2013 zullen de Europese financiële instellingen onder het toezicht van de ECB vallen.
Griekenland en Spanje blijven zorgenkindjes
Een horde die genomen moet worden om de crisis te boven te komen, blijft volgens Wenzel Griekenland. Op korte termijn kan de obligatieveiling waarbij Griekenland zijn staatsobligaties tegen gunstige voorwaarden kan terugkopen en zo de staatsschuld met 20 miljard euro kan terugdringen, nadelig uitpakken voor de markten. Ook Spanje blijft een onzekere factor. Nadat de Spaanse regering bekend had gemaakt dat de streeftekorten mogelijk toch niet worden gehaald, wordt nu druk gespeculeerd of het land toch niet een beroep moet doen op de EU.
Wereldwijde conjunctuur licht hoopgevend
Wenzel ziet positieve cyclische indicatoren. Hij gaat uit van een wereldwijde economische groei van 2,5 tot 3%, met als belangrijkste aanjager China. “Qua conjuncturele groei heeft China weliswaar een dieptepunt bereikt in het tweede kwartaal van 2012, maar sindsdien is de conjunctuur verbeterd.” Voor het vierde kwartaal is zelfs een groei op jaarbasis van maximaal 9,5% denkbaar. Voor 2013 gaat hij uit van ruim 8%. “Dat is duidelijk meer dan de 7,25% die de Chinese regering heeft gepland”, aldus Wenzel. De drijvende kracht achter deze positieve ontwikkeling zal de consumentenvraag zijn.
Groeiprognose voor de VS: 2,25%
Volgens Wenzel komt de economische groei in de VS in 2013 uit op 2,25%, vooropgesteld dat de Amerikaanse overheid het probleem van de fiscale klif en de bovengrens voor haar schulden oplost. “Mocht de VS daarin niet slagen, dan is een recessie het gevolg”, zegt Wenzel. Hij gaat er echter vanuit dat de Amerikaanse politiek dit risico niet zal nemen en dat het probleem tijdig zal worden opgelost. Volgens Wenzel zullen de vastgoedmarkt en in toenemende mate het bedrijfsleven de conjunctuur stimuleren. Het belangrijkste thema blijft echter het werkloosheidspercentage, dat waarschijnlijk slechts zeer langzaam zal dalen. “Als ik het verborgen werkloosheidspercentage in mijn berekeningen meeneem, heeft de VS te maken met 9% werkloosheid en niet met de door de Fed nagestreefde 7% of lager.”
Eurozone blijft in recessie
Wenzel is terughoudend pessimistisch over het eerste halfjaar van 2013 voor de eurozone. Vooralsnog blijft Europa in recessie en pas in het tweede halfjaar mag op een herstel worden gerekend, zij het zonder veel dynamiek. “Als de groei in de eurozone een zwarte nul te zien geeft, mogen we onze handen dichtknijpen”, aldus Wenzel. Dit betekent dat het monetaire beleid ook in 2013 expansief blijft. Zo zal de Fed het vierde programma voor kwantitatieve verruiming (QE4) starten, mogelijk al in januari. Ondanks het expansieve monetaire beleid zal inflatie ook in het komende jaar geen thema zijn: “Dat gaat op zijn vroegst weer in 2014 of 2015 spelen.”
Aandelen en bedrijfsobligaties blijven aantrekkelijk
Door de maatregelen die worden genomen om de eurocrisis het hoofd te bieden, en door het conjuncturele herstel zijn aandelen ook in 2013 interessant – wereldwijd. Voor de Duitse DAX voorziet Wenzel een stijgingspotentieel van nog eens 15% per einde 2013, voor de Amerikaanse aandelenindex Dow Jones een stijgingspotentieel van 10%. Bijzonder aantrekkelijk zijn aandelen uit opkomende landen, vooral in Azië, in mindere mate in Oost-Europa. Ten aanzien van de VS blijft Wenzel neutraal, voor Japan en het Verenigd Koninkrijk doet hij de aanbeveling ‘onderweging’. Op de rentemarkten blijven bedrijfsobligaties favoriet, hoewel “de spoeling steeds dunner wordt”. Wat betreft staatsobligaties gaat Wenzel voor Zuid-Europa, vooral Italië en Spanje. Vanuit risico/rendementperspectief zijn vooral staatsobligaties met looptijden van 5 tot 7 jaar attractief.
![]()

