Leven we in apocalyptische tijden of begint het zonnetje weer een beetje te schijnen? In weerwil van alle positieve berichtgeving over de toestand van de wereldeconomie is overal sprake van onrust en zelfs van angst voor wat er nog komen gaat.
Kunnen wij vertrouwen op regeringen en centrale banken? Of weten zij wél wat ons te wachten staat, maar ‘spinnen’ zij de werkelijkheid? De vraag is relevant en actueel. Wat te denken bijvoorbeeld van Bernanke die van een broos herstel van de Amerikaanse economie spreekt, maar geen garanties voor de toekomst durft af te geven. Toch raar. Er is massaal overheidsgeld in de markt gepompt en het hoogst haalbare is een broos herstel. Een beetje mager. Toen Bernanke onlangs aankondigde een kleinere steunoperatie te willen stoppen, was de reactie van de beurzen dan ook scherp omlaag gericht. Beleggers voelen terecht aan dat de economie voorlopig maar even aan het infuus moet blijven.
Herhaling van zetten
Dan de bankensector. Namens de Amerikaanse regering spreekt ook Timothy Geithner van een voorzichtig positief beeld, maar waarschuwt hij tegelijkertijd voor een nieuwe bankencrisis. Het financiële systeem is nog zo fragiel –zijn woorden- dat een nieuwe steunoperatie medio november niet kan worden uitgesloten. Interessante uitspraak. Kennelijk is hij zo bezorgd over de solvabiliteit van Amerikaanse banken dat hij denkt weer te moeten instappen. De oude Greenspan is het met hem eens en spreekt zelfs van de mogelijkheid van een nieuwe ‘bailout’ van ten minste 750 miljard dollar. Een herhaling van zetten die het nieuws nauwelijks meer haalt.
Wet van de grote getallen
Toen onlangs bekend werd dat de pot ‘slechte leningen’ van Amerikaanse grootbanken in 2009 zal verdrievoudigen tot 53 miljard dollar keek niemand meer op. We zijn helemaal gewend geraakt aan de wet van de grote getallen. Zelfs aanhoudende berichten over een nieuwe golf van slechte leningen in 2010 en 2011 ( alt-A, option ARM’s, REIT’s et cetera) raken ons niet langer. Ook de sombere situatie waarin gewone Amerikanen terecht zijn gekomen, nemen wij voor kennisgeving aan. Gewone Amerikanen weten dat ze in een economische depressie terecht zijn gekomen en merken dat dagelijks. Er mag dan sprake zijn van een technisch herstel van de economie, maar die leidt niet tot werk. Wel tot armoede. Omdat de schatkist leeg is. Van alle Amerikanen die op dit moment werkloos zijn – en dat zijn er veel meer dan officieel wordt gemeten- krijgt nu al de helft geen sociale uitkering meer. Aan het einde van hun geld, blijft een fors stuk uitzichtloosheid over. Anders dan in Nederland bluft de Amerikaanse regering zich door deze crisis heen. Geld pompen en blijven pompen is het motto.
Taboeloos aflossen
Onze regering doet precies het tegenovergestelde. Terugbetalen, is het motto. Terwijl wij nog van de schok van Prinsjesdag aan het bekomen zijn- wie wist dat we zo véél staatsschuld hadden?- worden wij klaargestoomd voor het slagveld. Deze crisis gaat ons geld kosten. Heel veel geld. En aflossen zullen we. Taboeloos. Daarmee dreigt Nederland zich economisch om zeep te helpen. Want wie na Prinsjesdag nog geld durft uit te geven, loopt later het risico de rekening niet meer te kunnen betalen. Dus trappen we op de rem. Net als de Amerikanen. Daar leidt de staatschuld voorlopig niet tot hogere lasten voor burgers. Gelukkig maar. Want in dat geval is het einde oefening voor de politiek. Protesten zijn er al genoeg. Nee, de Amerikanen verkopen gewoon hun schulden, wetende dat er genoeg koopjesjagers zijn. Briljant is dat de Amerikaanse Centrale Bank ook schulden van zichzelf aan zichzelf verkoopt. Dat heet ‘quantative easing’. De geldpersen kunnen daardoor op volle toeren draaien, zonder dat de dollarbiljetten er een nulletje bij krijgen. Verrassend is dat de inflatie niet toeneemt. Wel de deflatie. Niemand snapt het meer en dat leidt tot onrust en angst. Hebben we dit allemaal nog wel in de hand? Of is de Apocalyps nabij?