Pioneer denkt dat de renteverschillen in 2013 nog zo groot en volatiel zullen zijn, dat daar aantrekkelijke rendementen mee kunnen worden behaald. Door de lage rentes zullen de markten wel gaan twijfelen aan de werkelijke waarde, wat natuurlijk zomaar kan betekenen dat zij gaan vooruitlopen op stijgende, herstellende tarieven.
Giordano Lombardo, Group Chief Investment Officer for Pioneer Investments: “Wij verwachten dat op de lange termijn de ontwikkelingen op de financiële markten vooral bepaald zullen worden door de schuldenberg die in de afgelopen 30 jaar is opgebouwd en de verschillende mogelijke oplossingen daarvoor. De vraag is nu dan ook hoe lang een overexposure aan kredietinstrumenten beleggers nog voordeel oplevert. Algeheel gesproken verwachten we dat kredietinstrumenten in een omgeving waarin de rente waarschijnlijk nog lange tijd uiterst laag zal worden gehouden of slechts langzaam zal stijgen, een beheersbare rendementsstijging zal laten zien”.
Volgens Lombardo is de totale schuld (overheid en particulier) in de ontwikkelde landen gestegen is van 140% tot bijna 270% van het BNP. Hoewel na de “Grote Recessie” particuliere partijen hun schulden deugdzaam hebben afgebouwd, hebben de overheden juist voor een veel groter bedrag hun schulden doen stijgen. De Verenigde Staten hebben op dit moment het grootste begrotingstekort in vredestijd ooit en de verhouding schulden-BBP bereikt naar verwachting binnenkort de pijnlijke grens van 105% – het hoogste niveau sinds 1947. Het feit dat de babyboomers nu massaal met pensioen gaan, maakt het probleem er alleen maar erger op. Zij zullen allerlei aanspraken en rechten doen gelden waarvoor geen dekking is, waardoor overheden zullen moeten lenen.
Een goede les
Het agressieve optreden van centrale banken ter bestrijding van de effecten van de financiële crisis alsook meer recentelijk de eurozonecrisis – zowel met onconventionele maatregelen (kwantitatieve verruiming, LTRO’s, enz.) als met de verlaging van de rente tot onder de inflatie – heeft de naam “financiële repressie” gekregen. Het is in wezen een belasting op spaarders ten behoeve van kredietnemers. Dit instrument is ook in het verleden met succes toegepast, omdat het een van de manieren was om de explosie van staatsschulden in de 20e eeuw te lijf te gaan. In de periode van 1945 tot 1980 was de rente bijna voor de helft van de tijd negatief en daalde de verhouding bruto schuld-BBP in de Verenigde Staten van 122% in 1946 tot 35% in 1975.
Door deze “financiële repressie” werden beleggers wereldwijd gedwongen om in hun zoektocht naar rendement te beleggen in risicovollere activa. Kort gezegd moesten zij meer risico nemen om de verwachte rendementen op hun portefeuilles fatsoenlijk op peil te houden. In alle marktsegmenten – van investment grade tot hoogrentende waarden – zijn de spreads van kredietinstrumenten verregaand kleiner geworden, vooral in het zo gewilde segment van opkomende markten. De opkomende markten zijn nu zelfs zo gewild dat voor sommige kredietinstrumenten de dreiging van nieuwe zeepbellen reëel is.
![]()

