Steeds meer rijke Chinezen beleggen een deel van hun vermogen in de buitenlands huizenmarkt. Binnen nu en 10 jaar zouden de Chinezen weleens de grootste investeerders in wereldwijd vastgoed kunnen zijn.
Dat zegt de in Hong Kong gestationeerde vastgoedkenner Nick Brooke in The Financial Times. Volgens hem focussen de Chinezen zich nu op Kuala Lumpur en Singapore. “Ze vinden diversificatie erg belangrijk, maar alleen in sectoren en landen die ze begrijpen.”
De Chinese regering verbiedt haar onderdanen om meer dan 50.000 dollar per jaar buiten het land te investeren, maar veel miljonairs weten die regel handig te omzeilen. Het meeste geld wordt via Hongkong naar het buitenland gesluisd. Op drie landen na bezit China het grootste aantal miljonairs ter wereld en dat geld wordt veel in buitenland vastgoed belegd. Daar zijn een aantal redenen voor. Zo is men bang voor een vastgoedzeepbel in China. In het buitenland zijn prijzen vaak een stuk lager, en door daar in huizen te investeren, zullen de prijzen en het rendement gaan toenemen. Verder zoeken veel rijke Chinezen naar een vakantiehuis, op dit moment vooral in Japan en Taiwan. In de Chinese grootsteden zijn de meest exclusieve en dure woningen te koop, maar buiten de steden is niet of nauwelijks in luxe tweede huizen geïnvesteerd.
Van alle Europese steden zijn Londen en Parijs onder Chinese vastgoedinvesteerders het meest in trek. Zo worden er in de duurste arrondissementen van Parijs steeds meer huizen voor tussen de 3 en 6 miljoen euro aan Chinezen verkocht. In Londen zijn makelaars in het duurdere segment al druk bezig om Mandarijn-sprekende medewerkers te vinden. In de Britse hoofdstad zouden sommige Chinese investeerders belangstelling hebben om complete flatgebouwen op te kopen en deze om te bouwen tot service-appartementen, speciaal voor (Chinese) zakenmannen op doorreis.
Elke ochtend beleggingstips ontvangen? Meld u gratis aan voor Cashcow Daily!