Japan probeert grip te krijgen op de koers van de yen, de VS op die van de renminbi. Banktoezichthouders vergroten hun grip op de financiële stabiliteit. En beleggers vragen zich af of de Fed voldoende grip op de Amerikaanse economie heeft.
De eerste belangrijke interventie kwam vanuit Bazel. Daar bereikte het Bazels Comité een akkoord over aangescherpte kapitaalseisen voor banken. Dit is geen geringe prestatie. Aan het bestaande toezichtsraamwerk gingen tien jaar onderhandelingen vooraf. Dit keer wist het comité in een jaar een akkoord te bereiken, ondanks dat er 27 landen aan tafel zaten met soms uiteenlopende belangen. De kapitaalseisen gaan flink omhoog, maar worden pas in 2019 volledig van kracht. Het akkoord brengt de nodige duidelijkheid over de toekomstige toezichteisen voor banken, al moet een aantal zaken nog nader ingevuld worden.
Hoewel er zeker individuele instellingen zullen zijn die hun balans moeten versterken, lijken banken niet op grote schaal nieuw kapitaal aan te hoeven trekken om aan de nieuwe eisen te voldoen. Toch is het de vraag in hoeverre de financiële stabiliteit verbetert door het Bazels akkoord. Het akkoord richt zich namelijk louter op de banken. Dit terwijl banken slechts 22% van de Amerikaanse leningen en 44% van de Europese in portefeuille hebben. De stabiliteit van de overige instellingen is minstens zo belangrijk.
Yen onder opwaartse druk
De volgende interventie kwam uit Japan. Dat land ziet met lede ogen aan hoe de koers van de yen blijft stijgen, wat slecht is voor de al zo lang kwakkelende Japanse economie en bovendien deflatie aanwakkert. Japan had eerder al te kennen gegeven niet gelukkig te zijn met substantiële Chinese aankopen van Japanse staatsobligaties, die de yen onder opwaartse druk zetten. Woensdag intervenieerde Japan voor het eerst sinds zes jaar weer in de koers van de yen. Autoriteiten in de VS en Europa reageerden geïrriteerd op het feit dat Japan zijn interventie unilateraal uitvoerde.
Impliciete subsidie
Het wisselkoersbeleid van China is de VS al jaren een doorn in het oog. China houdt de renminbi kunstmatig laag, een impliciete subsidie op Chinese exporten. Amerikaanse Congresleden drongen er deze week bij de regering op aan om meer invloed op China uit te oefenen, maar minister van Financiën Geithner herhaalde dat hij daar weinig heil in ziet. China beet alvast van zich af en meldde dat een appreciatie van de renminbi het Amerikaanse tekort en het werkloosheidsprobleem niet oplost. Maar ondertussen heeft het de renminbi sinds juni 1,4% laten stijgen ten opzichte van de dollar.
Sentiment
Deze week vergadert het beleidsbepalend comité van de Fed, de Amerikaanse centrale bank. We verwachten niet dat de Fed nu al nieuwe interventies zal aankondigen om de Amerikaanse economie te stimuleren. Maar als de economie en het sentiment op de financiële markten aanzienlijk zouden verslechteren, zijn verdere maatregelen in het vierde kwartaal zeker niet uit te sluiten.
In plaats van een stijging gaan we nu uit van een verzwakking van de Amerikaanse dollar.
Door: ING Economisch Bureau
Elke ochtend beleggingstips ontvangen? Meld u gratis aan voor Cashcow Daily!