De olieprijs is maandag verder gedaald, nadat een vat West Texas Intermediate vorige week al 10 procent goedkoper werd.
De settlement voor een vat WTI lag maandag op 74,82 dollar, oftewel een daling ten opzichte van de vorige slotkoers van ruim 2 procent.
De olieprijzen daalden na positieve opmerkingen van Qatar en Pakistan over de onderhandelingen tussen de Verenigde Staten en Iran. De bemiddelaars meldden dat Washington en Teheran een communicatielijn hebben opgezet om een veilige doorvaart door de Straat van Hormuz te waarborgen, terwijl de Iraanse onderhandelaar Hossein Ghorbanzadeh vooruitgang signaleerde op het gebied van sanctieontheffingen voor de Iraanse olieverkoop en de vrijgave van bevroren tegoeden.
“De onmiddellijke richting van de markt lijkt nog steeds neerwaarts gericht nu de spanningen in het Midden-Oosten afnemen”, aldus Fawad Razaqzada van Forex.com.
Maar een verdere daling van de olieprijs zou weleens gematigder kunnen uitvallen als de vraag gedurende het derde kwartaal robuust blijft, of als de terugkeer naar het productieniveau van vóór de oorlog moeilijker blijkt dan verwacht, voegde de analist eraan toe.
Eerder stegen de prijzen nog nadat de Amerikaanse president Donald Trump Iran had bedreigd vanwege diens steun aan Hezbollah.
Volgens ING zal het een uitdaging zijn om tot een meer permanente overeenkomst te komen.
“De belangrijkste factor blijft of de olie- en gasstromen uit de Perzische Golf zich blijven herstellen, ondanks alle retoriek”, volgens de bank.
Zelfs als de Straat van Hormuz weer volledig wordt geopend, zal een herstel van het aanbod van ruwe olie waarschijnlijk geleidelijk en ongelijkmatig verlopen en worden beperkt door logistieke problemen, de energie-infrastructuur en uitgeputte voorraden, waardoor de markt de rest van het jaar structureel krap zal blijven, verwacht ANZ Research.
Elke ochtend beleggingstips ontvangen? Meld u gratis aan voor Cashcow Daily!