In Japan spatte in 1990 de zeepbel in aandelen- en onroerendgoedprijzen uit elkaar. Daarna volgde een lange periode van matige economische groei, waarin tijdelijke oplevingen werden afgewisseld met nieuwe recessies. Het beleid van overheid en centrale bank speelde hierin een belangrijke rol. In 1997 dacht de overheid dat het herstel voldoende sterk was en dat de tijd rijp was om het begrotingstekort terug te gaan dringen. Er werd bezuinigd en de btw werd verhoogd. De economie zakte daarop weg in een recessie en de maatregelen werden schielijk teruggedraaid.
In 2000 begon de Japanse centrale bank met het verhogen van de rente. Snel daarna volgde een nieuwe recessie en de centrale bank zag zich in 2001 genoodzaakt met nieuwe maatregelen te komen om de economie te stimuleren en deflatie te bestrijden.
Natuurlijk waren deze beleidsbeslissingen niet alleen verantwoordelijk voor de economische ontwikkelingen. Een ander probleem in Japan was dat weinig vaart werd gemaakt met het afschrijven van oninbare leningen. En externe ontwikkelingen zoals de Aziëcrisis in 1997 en het uiteenspatten van de IT-aandelenzeepbel in 2000 speelden ook een rol. Maar er zijn wel lessen te trekken uit de Japanse ervaring: Te vroeg beginnen met het verminderen van het begrotingstekort en het verhogen van de rente kan het herstel breken. En hoe langer we wachten met het afschrijven van oninbare leningen, hoe langer het duurt voor de economie terugkeert naar een gezond groeipad.
Bron: Economisch Bureau ING
Elke ochtend beleggingstips ontvangen? Meld u gratis aan voor Cashcow Daily!