Het is niets anders dan terecht dat Nout Wellink afscheid zal moeten nemen als bankpresident. Hij heeft als toezichthouder op zoveel punten gefaald dat hij niet langer dagelijks naar het Frederiksplein in Amsterdam mag gaan.
Als toezichthouder had Nout Wellink zichzelf nooit mogen offeren aan het systeem van ongebreidelde kredietgroei. Hij had daar een stokpaardje van moeten maken, zoals hij ook altijd heeft geroepen dat een hoog overheidstekort kwalijk is. Zijn falen is wel te verklaren: hij heeft zich laten meeslepen door modellen, spreadsheets en ditjes en datjes van wiskundigen. Zij hebben wel bewezen dat zij tussen alles een verband kunnen leggen. Ongetwijfeld heeft Wellink daar ook naar gekeken en heeft hij net als iedere andere bestuurder niet dom willen overkomen door te doen alsof hij die modellen begreep.
Had hij maar wat vaker eenvoudige vragen gesteld als hoezo, is dat wel zo en waarom. Met zijn ervaring en kennis had hij meten weten dat modellen enkel en alleen in een backtest goed werken. De resultaten van door databases beheerde fondsen tonen dat bij herhaling aan. De sleutel tot succes is niet kennis, maar marketing: de kracht van de herhaling.
Middels een nieuwe, door de politiek bedachte, regel wordt Wellink gedegradeerd tot pensioengerechtigde. De opvolger van Wellink staat al klaar, zij het dat hij tijdens zijn politieke sabbatical voor z’n kinderen wil zorgen. Ja, ik heb het over Wouter Bos. Bos for president. Hij heeft onomstotelijk bewezen dat hij de capaciteiten in huis heeft om als gouverneur op te treden namens de Europese Centrale Bank: Bos is politiek ervaren, kan met mensen overweg die hij niet mag (denk aan Balkenende), is slagvaardig (denk aan de redding van ABN Amro), is innemend, een goed bestuurder, heeft inzicht en heeft geleerd snel te handelen. En verstand van rente en monetair beleid hoeft hij nauwelijks te hebben, want dat wordt toch bepaald door de ECB. Hij hoeft de inflatie niet te bestrijden, hooguit af en toe te roepen dat de schuld van de overheid echt onverantwoord te hoog is. Hij zal vooral toezicht moeten houden en nieuwe regels bedenken voor het ministerie van Financiën, waarop hij dan weer toezicht kan houden.
