Economische burnout dreigt

Column | Nog geen reacties

 Een burnout van de economie treedt op in de fase die ligt tussen een economische recessie, zoals we die nu in Nederland meemaken en een economische depressie, zoals onder andere Amerika en Engeland die meemaken.

Solide verklaringen voor het ontstaan van een economische burnout zijn er niet. Als die er al zijn, zijn ze psychologisch van aard en hebben ze betrekking op de huidige –dominante- generatie werkenden: die van de babyboomers. Deze naoorlogse generatie heeft eigenlijk alleen maar voorspoed gekend, een enkele economische dip uitgezonderd. Er wordt ook wel gesproken van een verwende –zelfs weke- generatie. Tegelijkertijd is het een generatie die ondanks alle welvaart keihard heeft moeten werken. Dat de voorspoed hen is komen aanwaaien is onzin. Velen hebben na de jaren ’80 stevig moeten wennen aan de tucht van de markt en aan de steeds maar hoger wordende prestatiedruk die de internationale concurrentie met zich meebracht. Nog veel meer babyboomers hebben moeten wennen aan de intense verharding in ondernemingen als gevolg van de eenzijdige –geldgedreven- aandacht van managers voor het kortetermijnbelang van henzelf en hun ondernemingen. Tegelijkertijd gingen diezelfde managers gebukt onder de gesel van over het paard getilde – kortademige- aandeelhouders en steeds hijgeriger commissarissen en andere toezichthouders.

Om een economische burnout te krijgen is één incident nodig, een gebeurtenis die tot een ommekeer in het denken en handelen van mensen leidt als het gaat om hun bijdrage aan de economie. Zo’n gebeurtenis vindt momenteel plaats. Wie voelt niet aan dat het wel eens helemaal mis zou kunnen gaan met het werk? De baanonzekerheid is fors toegenomen en leidt tot sombere huiskamerspeculaties over de toekomst. Of liever gezegd: het gebrek daaraan. Pijnlijker is dat momenteel niet slechts één generatie aanvoelt dat zij weleens snel zonder werk zou kunnen komen te zitten – na de zomer?- maar dat het daarna moeilijk, zo niet onmogelijk, zal zijn om nieuw werk te vinden. Dit keer vreest iedereen voor zijn hachje, zowel de veelverdiener als de ‘loonslaaf’. Als een toefje zure room komt hier nog bij dat de generatie babyboomers -de huidige dragers van de economie- als veel te duur wordt beschouwd in relatie tot hun productiviteit. Die boodschap is duidelijk. Babyboomers worden als financiële graaiers aan de morele zijlijn geplaatst. Dat is onterecht en ook beschamend. Met als vernietigend effect dat het vertrouwen van mensen in de toekomst zienderogen wegebt. Onze economie komt erdoor op losse schroeven te staan. Als dat eenmaal zichtbaar wordt –en dat zou binnenkort weleens het geval kunnen zijn- treedt een economische burnout op. Dan is het leed niet te overzien en is er nog maar één lichtpuntje. Onze samenleving wordt weer menselijker. Want zodra geld en groei niet langer de allesoverheersende drijfveren voor ons bestaan vormen, wordt het leven draaglijker. Dan krijgen we in de gaten dat kwaliteit van leven belangrijk is. Dat duurzaamheid in het belang van nieuwe generaties is. Op dat moment herleeft de economie en is er weer hoop voor de toekomst. En die hoop brengt mensen economisch in beweging, wat weer  leidt tot welvaart. Blijvende welvaart.         


Deel dit artikel

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Terug naar het columns overzicht

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies om u de beste surfervaring te geven. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op 'Accepteren' hieronder, dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten