De beursmarkten bleven vorige week futloos. Wel deden aandelen uit de opkomende landen het beter dan die uit de ontwikkelde economieën. De Spaanse obligatierente, die vorige week tot boven de 6% steeg, daalde licht, samen met de Italiaanse obligatierente.
De inkoopmanagersindices (PMI’s) wereldwijd toonden een gemengd, maar per saldo beter beeld. De inkoopmanagersindex JPMorgan Global Manufacturing verbeterde, maar wij denken dat er nieuwe zwakte aan zit te komen. Bovendien verschilden de richting van de wijziging en de niveaus van land tot land. De Amerikaanse index was het positiefst onder de grote landen. Componenten zoals de huidige productie en de werkgelegenheid verbeterden. Nieuwe orders stegen sneller dan de voorraden, wat op de korte termijn een positief signaal is.
In Duitsland, Italië, Brazilië, China en Japan zal de productievertraging wellicht terugvallen. Maar in Frankrijk en het VK en in cyclische economieën zoals Australië, Zuid-Korea, Taiwan en Singapore dalen de PMI’s. Nog een reden om niet overenthousiast te worden, is dat een aantal andere voorlopende indicatoren verzwakte. In de eurozone daalde de index van het economische sentiment voor de zevende maand op rij naar zijn laagste niveau sinds augustus 2009. De index wijst duidelijk op een recessie.
In Japan zakte de voorlopende Tankan-index in het derde kwartaal na een lichte verbetering in het tweede kwartaal. De vooruitzichten voor het vierde kwartaal verslechterden. De economie vertraagt: deflatie blijft een belangrijk punt van zorg en de handelsbalans toont nu een tekort. Bedrijven hebben af te rekenen met een sterke yen en de politiek zit in een impasse. De Tankan-graadmeter wijst niet op enige verbetering. Wij beslisten om over te stappen naar een onderweging in Japanse aandelen.
De volgens eerdere ramingen al zwakke Amerikaanse bbp-groei voor het tweede kwartaal werd nog naar beneden bijgesteld in het licht van de tragere groei van de activiteit, de vastgoedinvesteringen en de lagere voorraadopbouw. De kans dat de bedrijfsinvesteringen eerdaags verbeteren is klein. De orders voor duurzame goederen, een goede maatstaf voor de investeringen, tonen slechts een bescheiden stijging in augustus na twee maanden van sterke dalingen. Bedrijven lijken nog te aarzelen om te investeren, wat weinig goeds voorspelt voor de arbeidsmarkt.
De Amerikaanse consumentenbestedingen stegen slechts licht. Dat is in lijn met onze visie dat de privéuitgaven de eerstkomende tijd niet sneller zullen stijgen dan de inkomensgroei. Het nettovermogen en de spaarquote van de huishoudens evenals de stijgende energieprijzen pleiten eveneens voor dit standpunt. Een bescheiden banengroei, kleine stijgingen van het uurloon en pas op de plaats makende gewerkte uren op weekbasis zullen wellicht een rem op de inkomensgroei zetten. Positief is dan weer dat de autoverkoop in september opveerde naar zijn hoogste niveau sinds meer dan vier jaar.
Spanje en Frankrijk kondigden nieuwe overheidsbegrotingen aan voor dit en volgend jaar. De Spaanse maatregelen moeten het tekort terugdringen van 6,3% in 2012 naar 4,5% in 2013. Uit de resultaten van de stresstesten voor de banksector bleek dat de Spaanse banken in een tegenvallend economisch scenario misschien 54-59 miljard euro extra kapitaal nodig zullen hebben. Niet al dat geld moet van de regering komen: banken kunnen op de balans gehouden winsten gebruiken of proberen om geld op te halen via de aandelenmarkten.
De Spaanse groeiverwachting van -0,5% voor volgend jaar lijkt optimistisch. -1,5% lijkt waarschijnlijker. Spanje kan meer bewegingsruimte van de Europese Commissie nodig hebben om zijn begroting aan te passen of het land zal bijkomende bezuinigingen moeten introduceren. Bovendien waren er te weinig details bekend over een aantal maatregelen en gingen de stresstesten voor banken uit van vrij lage vereiste kapitaalratio’s en optimistische aannames over de huizenprijzen.
De maatregelen moeten wel de weg bereiden voor steun van de reddingsfondsen van de eurozone. Hoewel het onzeker blijft of Spanje financiële steun zal aanvragen en zo ja, wanneer het dat zal doen, bleef de obligatierente binnen een bandbreedte van 5,5% en 6% bewegen. De markten beseffen dat Spanje hulp zal vragen als de obligatierente stijgt en dat de ECB in dat geval Spaanse obligaties zal beginnen op te kopen. Maar wij verwachten niet dat de ECB zich bereid zal tonen om de rente ver onder het huidige niveau te duwen.
De Franse maatregelen die het tekort moeten terugdringen van 4,5% dit jaar naar 3% volgend jaar mikken in hogere mate op belastingverhogingen. De grootste begrotingsconsolidatie in ten minste veertig jaar komt er in een klimaat van lage groei en optimistische verwachtingen van de overheid. De voorlopende indicatoren maakten onlangs een duik en de uitgaven van de huishoudens zijn al meer dan een jaar zwak.
Met haar aankondiging van een nieuw programma voor de aankoop van obligaties heeft de ECB de kans dat de eurozone uiteenvalt inderdaad verkleind, maar de regio is daarmee nog niet uit de problemen. De situatie van de eurozone blijft volgens ons negatief voor risicovolle activa.
Door: Joost van Leenders, beleggingsstrateeg BNP Paribas
![]()
